Speekseltest voor hormonen bij perimenopauze: betrouwbaar of niet?

Portret van Annelies de Vries, coach voor vrouwelijk welzijn en persoonlijke groei
Annelies de Vries
Gediplomeerd coach voor vrouwelijk welzijn
Hormoonschommelingen en klachten · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Je bent de veertig gepasseerd en je lichaam voelt ineens als een vreemde stad.

Je kent de straten niet meer, de signalen zijn onduidelijk en je humeur springt heen en weer als een kangoeroe op suiker. Het kan zomaar het begin zijn van de perimenopauze.

Die overgangsfase waar je lichaam langzaam afscheid neemt van de vruchtbare jaren. Het is een chaos van hormonen. En wat doet iedereen die chaos te lijf? Online zoeken. Je typt in: ‘speekseltest hormonen’.

Je ziet glimmende dozen voorbijkomen die beloven dat je vanaf je bank de complete chemie van je lichaam kunt ontrafelen. Klinkt ideaal, toch?

Maar is dat ook echt zo? Laten we er eens scherp induiken.

Wat is een speekseltest eigenlijk?

Je hebt vast wel eens gehoord van bloedprikken. Dat is de gouden standaard bij de huisarts.

Een speekseltest is de hippe, nieuwe concurrent. Het idee is simpel: je spuugt in een buisje, stuurt het op en krijgt thuis een rapportage van je hormoonspiegels. Vooral het testosteron en de cortisol (stresshormoon) waarden zijn populair. Maar ook oestrogeen en progesteron zouden zichtbaar moeten zijn.

De makers van deze thuistesten beloven je inzicht zonder naalden. Geen pijn, geen gedoe.

Je kunt het doen op een moment dat het jou uitkomt. Ideaal voor vrouwen die het druk hebben en niet perse naar een kliniek willen.

Maar hier begint het eerste gevaar al: speeksel is geen bloed. De concentraties hormonen in speeksel zijn veel lager. Om ze te meten, heb je extreem gevoelige apparatuur nodig. En die precisie is precies waar het vaak misgaat.

De belofte: inzicht zonder naalden

Stel je voor: je voelt je futloos, je slaapt slecht en je bent emotioneel. Je wilt weten waar het aan ligt.

Je koopt een test van een merk als Thuislab of MediChecks.

Je ontvangt een kit, volgt de instructies en stuurt je speeksel op. Een week later ontvang je een PDF met grafieken en getallen. De verleiding is groot om hier direct conclusies aan te verbinden.

"Mijn cortisol is te hoog, ik moet ontspannen!" of "Mijn testosteron is laag, ik heb supplementen nodig!" Het voelt alsof je eindelijk de antwoorden hebt. Maar let op: deze thuistesten zijn vaak niet klinisch gevalideerd. Dat betekent dat de uitslagen kunnen afwijken van wat een laboratorium in het ziekenhuis zou meten. Soms zelfs significant.

De valkuil van de speekseltest

Het grootste probleem met speekseltesten is de betrouwbaarheid. Hormonen in speeksel zijn afhankelijk van veel factoren.

Heb je net koffie gedronken? Rook je? Heb je je tanden geborsteld? Al deze dingen kunnen de uitslag beïnvloeden.

Bij de perimenopauze komt daar nog een uitdaging bij: hormonen schommelen enorm.

In deze fase van je leven zit er soms maar een paar uur verschil tussen een 'normale' waarde en een 'overgangswaarde'. Bloedprikken geeft een momentopname, maar bij speekseltesten is die momentopname nog gevoeliger voor ruis. Veel artsen waarschuwen ervoor.

Ze zien vrouwen binnenkomen met uitslagen die volgens de thuistest 'afwijkend' zijn, terwijl een standaard bloedtest (via de huisarts of gynaecoloog) normaal blijkt. Je betaalt al snel 100 tot 150 euro voor een test die je op het verkeerde been zet.

De valkuil van cortisol

Vooral bij cortisol is dit een issue. Veel vrouwen met perimenopauzeklachten hebben last van stress.

Een speekseltest meet cortisol op verschillende tijdstippen. Dit klinkt wetenschappelijk, maar de variatie in speeksel is groot. Je cortisol piekt vaak 's ochtends vroeg. Als je je speekselmonster te laat neemt, of als je net hebt gesport, kan de uitslag volledig vertekend zijn. Je schrikt je rot van een 'te hoge' waarde, terwijl het misschien gewoon normale schommelingen zijn.

Wanneer is een speekseltest wel zinvol?

Het is niet allemaal kommer en kwel. Er zijn situaties waarin speekseltesten wel degelijk waarde hebben. Vooral in de alternatieve of complementaire geneeskunde worden ze gebruikt om patronen te zien over een langere periode.

Stel, je wilt weten of je bioritme ontregeld is. Dan kan het meten van cortisol op vier momenten per dag (s ochtends, middag, avond, nacht) in speeksel een indicatie geven van je dagcurve.

Dit is nuttig voor leefstijladviezen, maar minder geschikt voor het vaststellen van een medische diagnose zoals een hormonale stoornis. Daarnaast zijn er specifieke merken die strengere laboratoriumnormen hanteren.

Merken die werken met ISO-gecertificeerde labpartners leveren betrouwbaardere data op dan de goedkoopste optie op een marktplaats. Maar zelfs dan blijft het een schatting, geen harde diagnose.

De officiële weg: bloedprikken en klachten

Als je serieus wilt weten of je in de perimenopauze zit, is de speekseltest niet de eerste keus. De officiële medische wereld werkt met bloedonderzoek. Waarom?

Omdat bloed de directe transportweg is van hormonen naar je weefsels. In bloed meten artsen de zogenaamde 'vrije' hormonen en de gebonden hormonen.

Dat geeft een completer beeld. Bij perimenopauze kijken artsen vaak naar het verhoudingsgetal tussen FSH (follikelstimulerend hormoon) en oestrogeen. FSH stijgt namelijk als de eierstokken minder oestrogeen produceren.

Dit is in speeksel bijna niet betrouwbaar te meten. De klachten die je ervaart, zijn overigens net zo belangrijk als de getallen.

Een arts zal niet alleen kijken naar een uitslag, maar ook naar je verhaal. Ben je onregelmatig ongesteld? Heb je opvliegers? Stemmingsschommelingen? Deze klinische blik mist bij een thuistest. FSH is een sleutelfactor.

Het FSH verhaal

Tijdens de perimenopauze schiet FSH omhoog terwijl oestrogeen daalt. Dit is een duidelijk signaal van de overgang.

Omdat FSH in speeksel zeer moeilijk te detecteren is, mist een thuistest deze cruciale informatie. Je krijgt misschien een verhaal over testosteron en cortisol, maar het belangrijkste bewijs voor de overgang ontbreekt.

De rol van testosteron en oestrogeen

Vrouwen maken ook testosteron aan, vooral in de eierstokken en bijnieren. Tijdens de perimenopauze daalt dit ook.

Klachten als vermoeidheid, weinig libido en spierverlies kunnen hiermee te maken hebben.

Een speekseltest kan testosteron meten, maar de nauwkeurigheid is discutabel. Zeker bij lage waarden, zoals bij vrouwen, is de foutmarge groot. Een lage uitslag kan vals positief zijn (je denkt dat het laag is, maar het is normaal) of vals negatief.

Oestrogeen (oestradiol) is nog lastiger. In speeksel is de concentratie extreem laag.

Laboratoria moeten deze versterken voordat ze kunnen meten. Dit proces (bekend als LC-MS/MS) is duur en complex. Veel thuistesten gebruiken minder geavanceerde methoden, wat leidt tot onbetrouwbare resultaten.

Conclusie: betrouwbaar of niet?

Is een speekseltest voor hormonen bij perimenopauze betrouwbaar? Het korte antwoord is: nee, niet voor diagnose.

Het is een leuk hulpmiddel voor een globale indicatie, maar het is geen vervanging van een bloedtest of een doktersbezoek.

Wil je weten of je in de overgang zit? Ga naar je huisarts. Vraag om een bloedtest. Bespreek je klachten.

Dat is de enige manier om zeker te weten wat er speelt. Gebruik speekseltesten niet als excuus om de dokter te vermijden, maar als aanvulling op je eigen bewustzijn. Als je een speekseltest voor je hormonen doet, kies dan voor een gerenommeerd merk en interpreteer de uitslagen met een korrel zout. De perimenopauze is een natuurlijke fase.

Je verdient duidelijkheid, maar die krijg je het beste via betrouwbare wegen.

Sla de hype over en kies voor zekerheid.

Portret van Annelies de Vries, coach voor vrouwelijk welzijn en persoonlijke groei
Over Annelies de Vries

Annelies helpt vrouwen hun authentieke zelf te omarmen en te groeien.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Hormoonschommelingen en klachten
Ga naar overzicht →