Insulineresistentie tijdens de perimenopauze: de link met hormonen

Portret van Annelies de Vries, coach voor vrouwelijk welzijn en persoonlijke groei
Annelies de Vries
Gediplomeerd coach voor vrouwelijk welzijn
Hormoonschommelingen en klachten · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Voel je je de laatste tijd moe, een beetje mistig in je hoofd, en valt het afrennen van die laatste kilo’s ineens vies tegen?

Misschien ben je ook wat vaker prikkelbaar of heb je last van opvliegers. Je bent niet de enige. Dit is het typische beeld van de perimenopauze, de fase vóór je definitief stopt met menstrueren. Maar er speelt zich achter de schermen iets anders af dat vaak ongemerkt blijft: een stille verandering in hoe je lichaam omgaat met suiker.

We hebben het over insulineresistentie tijdens de perimenopauze. Het is een onderwerp dat vaak onder de radar blijft, maar het verklaart waarom je lijf ineens anders reageert dan vroeger. Laten we eens kijken naar die link tussen je hormonen en je stofwisseling, zonder ingewikkelde dokterstaal, maar wel met de feiten op een rij.

Wat is insulineresistentie eigenlijk?

Stel je insuline voor als een sleutel. Je lichaam maakt insuline aan in de alvleesklier.

Die sleutel moet de deur openen van je lichaamscellen, zodat suiker (glucose) uit je bloed de cellen in kan om als energie te worden gebruikt. Als je lichaam gezond is, past die sleutel perfect en verdwijnt de suiker uit je bloed precies op het juiste moment. Insulineresistentie betekent dat de deursloten stroef beginnen te werken.

De sleutel (insuline) draait, maar de deur gaat niet makkelijk open. Je lichaam merkt dit op en denkt: "Oké, er is meer sleutels nodig!" De alvleesklier gaat harder werken en pompt steeds meer insuline in je bloed om die suiker alsnog naar binnen te krijgen.

Het gevolg? Je bloedsuikerspiegel blijft schommelen, je energiepieken worden minder stabiel en je lichaam slaat sneller vet op, vooral rond je buik. Het is een vicieuze cirkel die vaak ongemerkt begint.

De hormonale achtbaan van de perimenopauze

De perimenopauze is de periode waarin je eierstokken langzaam stoppen met werken.

Dit proces duurt vaak enkele jaren. Je bekendste hormonen, oestrogeen en progesteron, gaan op de schop. Ze stijgen en dalen als een achtbaan zonder veiligheidsbeugel. Veel vrouwen denken dat dit alleen gaat over opvliegers en menstruatieveranderingen, maar deze hormonen hebben een enorme invloed op je algehele stofwisseling.

De rol van oestrogeen

Oestrogeen is een hormoon dat je lichaam helpt om gevoelig te blijven voor insuline. Zolang je oestrogeenspiegel stabiel is, blijft die deur voor suiker makkelijk openen.

Maar in de perimenopauze daalt en stijgt oestrogeen onregelmatig. Wanneer oestrogeen tijdelijk laag is, neemt de gevoeligheid voor insuline af.

Je cellen worden een beetje lui. Het is alsof je spieren minder goed luisteren naar het signaal om energie op te nemen. Hierdoor blijft er meer suiker in je bloed zweven en moet je alvleesklier harder werken.

Progesteron en cortisol: de boosdoeners?

Progesteron daalt vaak als eerste in de perimenopauze. Een tekort aan progesteron kan leiden tot slaapstoornissen.

Slecht slapen is een directe trigger voor insulineresistentie. Als je slaapt, herstelt je lichaam. Als je slaap wordt verstoord, maakt je lichaam meer cortisol aan (het stresshormoon).

Cortisol is een vijand van insuline. Het zorgt ervoor dat je lever extra glucose loslaat in je bloed, puur om je wakker te maken en energie te geven.

Als je nachtrust slecht is door hormonale schommelingen, blijft deze cortisol aanwezig en wordt je insulineresistentie versterkt.

Waarom val je niet meer af?

Een veelgehoorde klacht: "Ik eet hetzelfde als vroeger, maar ik kom aan." Dit is geen kwestie van minder eten, maar van hoe je lichaam reageert.

Als je insulineresistentie ontwikkelt, produceer je te veel insuline. Insuline is een opslaghormoon. Zolang er veel insuline in je bloed is, blijft je lichaam vet opslaan en breekt het geen vet af.

Vooral rond de buik (viscerale vetten) wordt gestimuleerd door hoge insulinespiegels. Dit buikvet is niet alleen storend voor je zelfbeeld; het is ook actief weefsel dat extra oestrogeen aanmaakt en ontstekingsstoffen afgeeft.

Dit verstoort op zijn beurt je hormoonhuishouding nog verder. Het is een vicieuze cirkel die moeilijk te doorbreken is als je niet weet wat er speelt.

De signalen van insulineresistentie herkennen

Hoe weet je of je hier last van hebt? Je hoeft geen diabetes te hebben om insulineresistent te zijn. Het is een spectrum. Let op deze signalen die vaak samenvallen met de fysieke veranderingen in de overgang:

  • De energie-dip: Je voelt je slaperig en loom, vooral na een maaltijd rijk aan koolhydraten (brood, pasta, zoetigheid).
  • Vetopslag rond de buik: Je merkt dat je taille toeneemt, ongeacht je dieet.
  • Heftige trek: Je krijgt intense cravings naar suiker of zout, vooral in de middag.
  • Stemmingswisselingen: Door de suikerschommelingen voel je je soms onrustig of prikkelbaar.
  • Hoge bloeddruk: Dit gaat vaak samen met insulineresistentie, maar merk je pas bij een meting.

Hoe je hormonen en bloedsuiker stabiliseren

Goed nieuws: je hebt invloed op dit proces. Omdat de link met hormonen zo sterk is, werken opvoeding van je leefstijl vaak beter dan alleen maar minder eten.

Eiwitten en vetten boven koolhydraten

Het draait allemaal om stabiliteit. In de perimenopauze is je lichaam gevoeliger voor koolhydraten.

Beweging is de beste sleutel

Een boterham met jam zorgt nu voor een grotere insulinespiegel dan tien jaar geleden. Probeer je maaltijden te baseren op eiwitten (vlees, vis, eieren, peulvruchten) en gezonde vetten (avocado, olijfolie, noten). Dit remt de afgifte van insuline en zorgt voor een langzame energie-afgifte.

Koolhydraten hoeven niet weg, maar beperk ze tot de groenten en wat volkoren granen. Beweging maakt je cellen direct gevoeliger voor insuline, zonder dat je alvleesklier harder hoeft te werken. Je hoeft geen marathons te lopen. Vooral krachttraining is een gamechanger voor vrouwen in de perimenopauze.

Slaap en stressmanagement

Spierweefsel verbruikt veel glucose, zelfs in rust. Door spiermassa op te bouwen, verbeter je je stofwisseling aanzienlijk.

Twee keer per week krachttraining kan al een wereld van verschil maken. Daarnaast helpt wandelen na de maaltijd om je bloedsuiker stabiel te houden.

Omdat progesteron daalt en cortisol stijgt, is slaap je belangrijkste medicijn. Zorg voor een donkere, koele kamer en beperk schermtijd voor het slapen. Als je merkt dat je 's nachts wakker ligt door opvliegers, overleg dan met een arts over eventuele ondersteuning, want slaapgebrek werkt insulineresistentie direct in de hand.

Probeer ook actief te ontstressen. Meditatie, ademhalingsoefeningen of simpelweg een wandeling in de natuur verlagen je cortisolspiegel.

Conclusie: luister naar je hormonen

Insulineresistentie tijdens de perimenopauze is geen onvermijdelijk lot. Het is een signaal van je lichaam dat je stofwisseling verandert en dat je aanpak moet veranderen.

Door te begrijpen dat je hormonen (oestrogeen, progesteron, cortisol) een directe link hebben met je suikerhuishouding, kun je gerichter werken aan je gezondheid. Voor veel vrouwen betekent dit: minder koolhydraten, meer eiwitten, regelmatig kracht en rustig bewegen. Het is geen quick fix, maar een manier om je lijf weer mee te krijgen.

Je bent niet gek, je lichaam is gewoon aan het veranderen. En met de juiste kennis kun je die verandering een handje helpen.

Portret van Annelies de Vries, coach voor vrouwelijk welzijn en persoonlijke groei
Over Annelies de Vries

Annelies helpt vrouwen hun authentieke zelf te omarmen en te groeien.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Hormoonschommelingen en klachten
Ga naar overzicht →